Wat is tachycardie en wat heeft dit onderwerp nu met mountainbiken te maken? In principe niks, maar tachycardie kan zich tijdens het biken wel voordoen. Tachycardie is een aandoening waarbij je hartslag veel te snel is, vaak meer dan 100 slagen per minuut en dit kan oplopen tot 400 slagen per minuut. Tachycardie betekent snel hart. Klachten die kunnen optreden zijn kortademigheid, duizeligheid, plotseling slap voelen, hartkloppingen, een licht gevoel in het hoofd en flauwvallen. Het is een hartaandoening waarvan ik sinds mijn 50ste levensjaar hinder ondervind en openbaart zich na 33 jaar sportbeoefening.
 De laatste jaren train ik met een hartslagmeter. Ik ben hiermee begonnen omdat ik mijn prestaties beter wilde controleren en vastleggen. De hoofdfunctie van dit apparaat is het registreren van de hartslag.
In november 2004, tijdens een training, begon de hartslagmeter een alarmsignaal uit te zenden. Ik zag op de display een waarde van 231 staan. Er vanuit gaande dat er sprake was van een storing heb ik de borstband een beetje verschoven en even later stopte het alarmsignaal. Het bleef echter niet bij deze ene keer. Vooral bij hoge inspanning, begon dat ding geregeld te piepen en gaf telkens waarden aan tussen de 229 en 231. Omdat er telkens gelijke waarden werden weergegeven dacht ik, dat er sprake was van een technisch defect. Om hiervan zeker te zijn heb ik de hartslagmeter met borstband naar Polar in Lelystad gestuurd, met het verzoek deze op de werking te controleren. Polar kon echter niets ontdekken. Enkel de batterij en de polsband werden vervangen omdat deze gewoon aan vervanging toe waren. Tijdens het trainen zonder hartslagmeter, kreeg ik het op momenten wat benauwd en soms voelde in me duizelig. Toen dacht ik dat dit waarschijnlijk het gevolg was van te weinig voeding. Extra voeding leek in eerste instantie niet te helpen, maar het gevoel verdween uiteindelijk. In februari 2005 ontdekte ik dat ik tijdens deze momenten, door de hand op de borst te leggen, een zeer hoge hartslag had, althans zo voelde het aan. Het voelde meer aan als ‘trillen’ of ‘fladderen’ van het hart. Dit was het moment dat ik me ongerust begon te maken. Ik heb onmiddellijk een afspraak gemaakt bij m’n huisarts. Deze verwees me naar het Sport Medisch Adviescentrum (SMA) in Utrecht. Bij het SMA werd ik ‘binnenste buiten’ gekeerd, inclusief een inspanningstest. De diagnose luidde: ‘sporthart’. Ik kreeg een trainingsprogramma voor het aftrainen van dit sporthart. Ik ben met dit programma begonnen maar was er toch niet helemaal gerust op. Ik was intussen een stuk wijzer geworden over hartritmestoornissen en wilde er toch het mijne van weten. Ik krijg geregeld het verwijt dat ik eigenwijs ben. Dit waardeer ik zeer, maar ik interpreteer dit als: op mijn eigen wijze. Ik heb wederom een bezoek gebracht aan mijn huisarts en me laten verwijzen naar een cardioloog. Na een uitgebreid bloedonderzoek en een elektrocardiogram (ECG), kon ik mijn verhaal aan hem kwijt. De cardioloog nam het probleem serieus op en ik kreeg een uitgebreid onderzoek gepresenteerd.
Het programma bestond uit de volgende onderzoeken
- een bloedonderzoek;
- een ECG;
- een onderzoek van de schildklierfunctie;
- een inspanningstest op de fiets, die afgenomen wordt in het hospitaal, terwijl je met diverse plakkers en draden verbonden bent met een computer;
- een echo(scope) van het hart;
- een 24-uurs meting, waarbij een ‘holter’ (registratiekastje) met een aantal contacten en draden op en om de borst wordt aangebracht, dat 24 uur lang het hartritme registreert;
- de ‘King of Hearts’, een ‘holter’ die met 2 contacten op en naast de borst wordt aangebracht en een 7-dagen registratie opneemt;
In oktober 2005 was het tijd voor de uitslag van dit onderzoek. De bloedwaarden waren prima, op de ECG was niets te zien, de schildklierfunctie was in orde, ook de echo leverde niets bijzonders op, de ‘King of Hearts’ had een paar momenten geregistreerd maar daar kon de cardioloog niet veel mee. De ‘holter’ echter had een van de bewuste momenten geregistreerd. Nu moet ik bekennen dat ik daar debet aan ben. Omdat de ritmestoornis zich niet geregeld voordeed, was ik bang dat ik 24 uur lang voor niets met de ‘holter’ rond zou lopen. Op mijn eigen wijze ben ik toch maar op m’n bike geklommen en na 2 uur was het zover en werd de ritmestoornis geregistreerd. Een heftige overigens, die 20 minuten aanhield en waarvan ik 2 dagen last heb ondervonden in de vorm van spierpijn in de borst (overbelaste hartspier). Ik moest op de grond te gaan zitten. Op dat moment reed ik op een druk fietspad, tussen Deurne en Liessel (Brabant). Tijdens die 20 minuten is het me opgevallen hoe vriendelijk voorbijgangers tegen je zijn terwijl je zo midden op het fietspad zit. Daar bleef het dan ook bij. Geen enkeling, die het in zijn hersens opkwam, om even te informeren. Je kunt je afvragen, waarom ik op de ‘King of Hearts’ niet een zodanige registratie geforceerd heb. De ‘holter’ heb ik echter 1 maand vóór de ‘King of Hearts’ gedragen. Ik wist dat de ‘holter’ een ritmestoornis geregistreerd had en geloof me, één een dergelijke ervaring is genoeg. Ook weer een dergelijk eigen wijze besluit.
Diagnose De diagnose van de cardioloog luidde: Cirkeltachycardie1 (Atrio Ventriculaire nodale re-entry tachycardie). Een aangeboren hartafwijking. Hiervoor moet ik een Elektrofysiologisch onderzoek (EFO2) en Ablatie behandeling3 ondergaan. Deze ingreep gaat plaatsvinden op 27 maart 2006 in het Catharinaziekenhuis te Eindhoven.
De operatie Het is nu 28 maart 2006, een dag na de behandeling. Een behandeling die toch indruk op me heeft gemaakt. Tijdens de behandeling werd aanvankelijk een ‘Atrio Ventriculaire nodale re-entry tachycardie’ vastgesteld en verwijderd. Later bleek er toch meer sprake te zijn van een ‘atriaventriculaire tachycardie’.
 |
Deze ritmestoornis bevond zich in de Bundel van His4 De hele behandeling duurde 3 uur, waarna er geen echte tachy meer indiceerbaar was. Gesteld kan worden dat de operatie geslaagd is en dat ik van m’n ritmestoornissen verlost ben. Over 6 weken moet ik op controle en dan blijkt of de ingreep definitief heeft gewerkt.
Controle Door de vakantie van de specialist vond de controle wat eerder plaats en wel op 21 april 2006. Na het maken van een ECG volgde het gesprek. Hij gaf me een korte uitleg van de operatie en zei dat er tijdens de operatie wat complicaties waren opgetreden. Bij aanvang van de operatie was hij van mening dat er enkel sprake was van een algemeen veel voorkomende cirkel tachycardie. Na deze behandeld te hebben bleek echter de AV-tachycardie (de gevaarlijke variant). Er volgt echter nog een controle in augustus 2006.
Laatste controle Op 3 augustus 2006 ben ik weer op controle geweest. De cardioloog en ik waren zeer tevreden met het resultaat. De ritmestoornissen hebben zich niet meer voorgedaan en er mag gesproken worden van een geslaagde operatie. Verdere controle is niet meer nodig.
1. Onder normale omstandigheden loopt de geleiding van boezem naar kamer via de AV-knoop. Bij deze ritmestoornis ligt de extra bundel in het AV-gebied. Deze bundel kan de elektrische activiteit weer teruggeleiden van kamer naar boezem. Hierdoor ontstaat een cirkelritmestoornis. 2. Bij een electrofysiologisch onderzoek schuift men een aantal dunnne draden (elektrokatheters) via een ader of slagader (of allebei) naar het hart. Men sluit vervolgens de elektrokatheters aan op een speciaal ECG-apparaat. Via de katheter kan men het hart nu van buitenaf elektrische prikkels toedoenen. Zo probeert men de ritmestoornis op te wekken. Met dit onderzoek kan men vaststellen welke ritmestoornis je hebt en wáár deze precies ontstaat. 3. Ablatie is radiofrequente katheterablatie (RFCA). Een behandeling die aansluitend aan een elektrofysiologisch onderzoek kan plaatsvinden. Met behulp van een soort wisselstroom kan men het puntje van een speciale katheter verwarmen. Wanneer het puntje ongeveer 500C warm is, kan men daarmee heel precies kleine stukjes weefsel in het hart wegbranden. 4. Hisbundelablatie, Bij deze ablatie wordt de natuurlijke verbinding tussen atrium en de ventrikel met opzet doorgebrand. Meestal is het hartritme hierna laag, ongeveer 40 slagen per minuut. Daarom wordt voor de zekerheid bij het begin van de procedure een tijdelijke pacemakerdraad ingebracht.
Terug naar mountainbiken
|